ARMOEDE ALS KOMPAS
‘Il poverello’, de kleine arme, zo werd Franciscus van Assisi in zijn tijd genoemd. Hij wilde - net als de armen en de melaatsen - niets meer zijn dan dat. Door radicaal bezitloos te gaan leven, werd de armoede voor Franciscus een weg én een levenswijze.
Vandaag denken we bij het woord ‘armoede’ meestal enkel aan een situatie van onrecht. Armoede als gebrek verhindert de mens om zich volwaardig te ontplooien. In de christelijke, religieuze traditie wordt de armoede ook als een levengevende weg benaderd, zelfs als een levenskeuze! Armoede wordt dan iets om te behoeden. Ze wordt kompas.
Vandaag denken we bij het woord ‘armoede’ meestal enkel aan een situatie van onrecht. Armoede als gebrek verhindert de mens om zich volwaardig te ontplooien. In de christelijke, religieuze traditie wordt de armoede ook als een levengevende weg benaderd, zelfs als een levenskeuze! Armoede wordt dan iets om te behoeden. Ze wordt kompas.
LEVEN VANUIT WAT JE NODIG HEBT
Om de arme, nederige Christus na te volgen - die niets meenam onderweg - hadden Franciscus en de broeders niet veel nodig.
Hun armoede betekende niet dat ze hun noden ontkenden, integendeel. Ze maakte hen juist aandachtig voor wat werkelijk noodzakelijk was. Hun nood werd hun richtsnoer. Wat ze écht nodig hadden, mochten ze ontvangen. Meer nog, Franciscus moedigde de broeders aan met een gerust hart hun noden met elkaar te delen. De armoede droegen ze samen! Ook vandaag worden we uitgenodigd te leven vanuit wat we nodig hebben.
“En de een mag de ander
gerust zijn nood kenbaar maken,
opdat die zoekt wat hij nodig heeft
en hem zo dient.”
(1RegMB9,10)
Hun armoede betekende niet dat ze hun noden ontkenden, integendeel. Ze maakte hen juist aandachtig voor wat werkelijk noodzakelijk was. Hun nood werd hun richtsnoer. Wat ze écht nodig hadden, mochten ze ontvangen. Meer nog, Franciscus moedigde de broeders aan met een gerust hart hun noden met elkaar te delen. De armoede droegen ze samen! Ook vandaag worden we uitgenodigd te leven vanuit wat we nodig hebben.
“En de een mag de ander
gerust zijn nood kenbaar maken,
opdat die zoekt wat hij nodig heeft
en hem zo dient.”
(1RegMB9,10)
DURVEN LOS & LEEGLATEN
Wanneer onze basisbehoeften vervuld zijn, zet Franciscus ons verder op het pad van onthechting, materieel maar ook innerlijk. We worden uitgenodigd ruimte te scheppen, in ons huis, in onze agenda’s, in ons hart, ...
Armoede betekent: loskomen van wat overbodig is. Zo wordt de armoede een uitzuiverende kracht die je met een vernieuwde blik naar het leven doet kijken: Waar houd je krampachtig aan vast? Wat mag je eigenlijk loslaten? Wat kan je leeglaten? Misschien heeft een ander het meer nodig dan jij.
“Waar armoede is met vreugde, daar is geen hebzucht en geen gierigheid.” (Wijs27)
Armoede betekent: loskomen van wat overbodig is. Zo wordt de armoede een uitzuiverende kracht die je met een vernieuwde blik naar het leven doet kijken: Waar houd je krampachtig aan vast? Wat mag je eigenlijk loslaten? Wat kan je leeglaten? Misschien heeft een ander het meer nodig dan jij.
“Waar armoede is met vreugde, daar is geen hebzucht en geen gierigheid.” (Wijs27)
VOL-GEMAAKT WORDEN
Trouw deze weg volgen betekent alsmaar meer leeg worden om ruimte te scheppen voor wat wezenlijk is: voor God én voor de ander.
Los- of leeglaten voelt vaak onwennig aan. Maar Franciscus vertrouwde erop dat juist die leegte de mens ontvankelijk maakt voor Gods werking in de mens. Er komt ruimte vrij die God zelf met zijn onuitsprekelijke liefde wil vullen, op manieren die we vooraf zelf niet kunnen bedenken. Zo opent de Armoede een weg naar een andere rijkdom.
“Gij zijt al onze rijkdom,
en dat is ons genoeg!”
(Loflied Allerhoogste)
Los- of leeglaten voelt vaak onwennig aan. Maar Franciscus vertrouwde erop dat juist die leegte de mens ontvankelijk maakt voor Gods werking in de mens. Er komt ruimte vrij die God zelf met zijn onuitsprekelijke liefde wil vullen, op manieren die we vooraf zelf niet kunnen bedenken. Zo opent de Armoede een weg naar een andere rijkdom.
“Gij zijt al onze rijkdom,
en dat is ons genoeg!”
(Loflied Allerhoogste)
ONS MENs-ZIJn ALS EEN KOMMETJE
|
Zoveel mogen we zomaar ontvangen. De mensen om ons heen, de plek waar we opgroeien, onze groei- en veerkracht, onze gaven en talenten die we gaandeweg ontdekken, … Wat een rijkdom - zomaar gegeven. Toch krijg ik het soms benauwd. Dan klamp ik me krampachtig vast aan alles wat er in mijn kommetje zit, alsof ik moet bewijzen dat ik van waarde ben, dat ik ertoe doe. Misschien zelfs meer dan jij. Dan vergeet ik dat het niet uitmaakt wat er in mijn kommetje zit, dat ik enkel ontvang – net als iedereen. |
Soms voelt mijn kommetje leeg aan – te leeg. Wanneer ik ziek ben, me geïsoleerd voel of even de weg kwijt ben. Dan wordt die leegte pijnlijk en beangstigend. En toch mag ook ik leven vanuit het vertrouwen dat er altijd weer iets nieuws wordt gegeven.
Vaak prop ik mijn kommetje zelf overvol. Altijd bezig, altijd onderweg, op de vlucht voor mezelf en voor de leegte die onbehaaglijk voelt. Geen plek voor het onverwachte. Niet eens om diep adem te halen en gewoon te zijn.
Het liefst voel ik pure dankbaarheid en vreugde om alles wat ik mag ontvangen, delen en doorgeven. De leegte schrikt me dan niet af. Ze schept ruimte en brengt me terug naar wat wezenlijk is.
Vaak prop ik mijn kommetje zelf overvol. Altijd bezig, altijd onderweg, op de vlucht voor mezelf en voor de leegte die onbehaaglijk voelt. Geen plek voor het onverwachte. Niet eens om diep adem te halen en gewoon te zijn.
Het liefst voel ik pure dankbaarheid en vreugde om alles wat ik mag ontvangen, delen en doorgeven. De leegte schrikt me dan niet af. Ze schept ruimte en brengt me terug naar wat wezenlijk is.